 |
|
Taal op maat taal en Taal op maat spelling
De software bij Taal op maat bestrijkt woordenschat, taalbeschouwing en spellen en is beschikbaar voor groep 4 t/m 8. Met name de digitale aanpak van taalbeschouwing is bijzonder. Door middel van verschillende vraagtypen biedt de computer de kinderen de woordenschat van een thema aan. Met oefeningen verdiepen ze hun beheersing van de stof en leren ze die toepassen.
Elke softwaresessie begint met een korte instructie en wordt vervolgd met een reeks opgaven die aansluit bij de opgaven van de les. De computer houdt bij welke reeksen de leerling goed of fout maakt. Bij de volgende sessies wordt de selectie van de reeksen afgestemd op de resultaten van de sessies ervóór. Goede leerlingen krijgen nieuwe vragen, minder goede leerlingen krijgen herhaling. Alle resultaten worden automatisch voor u geregistreerd. Hierna volgt de toets.
De aanpak van spellen en taal is vergelijkbaar. De instructie en uitleg in de software sluiten aan bij de tekst in het boek. Ook sommige opgaven herkennen de leerlingen uit het boek. Maar de software biedt vooral veel en gevarieerde oefenvormen, die een didactische meerwaarde hebben door de directe feedback.
- Taal:
- inoefenen
- verbreden/herhalen
- toetsen
- Spelling:
- inoefenen
- toetsen
- remediëring
|
 |
|
Tekst verwerken, van begrijpend naar studerend lezen
Tekst verwerken, van begrijpend naar studerend lezen biedt voor groep 4 t/m 8 functionele software. De software ondersteunt de lessen uit het boek en richt zich op twee groepen kinderen: zwakke lezers en goede, snelle lezers. Het gaat steeds om een les van 10 tot 15 minuten waarin de risicolezers zich zelfstandig op de klassikale lessen kunnen voorbereiden. De betere lezers krijgen extra leesteksten op een hoger niveau met uitdagende vragen voor zelfstandige verwerking.
- Pre-teaching: de risicolezers beluisteren de leestekst in stukjes en maken interactieve opdrachten over de belangrijkste kenmerken van de tekst. De opzet is dat ook na deze extra instructie de zwakkere lezers de klassikale les actief en zinvol kunnen volgen: alle leerlingen bij de les.
- Verdieping: de betere lezers hebben soms extra uitdaging nodig. In elk lessenblok kunt u goede lezers één of twee interactieve softwarelessen laten maken, in plaats van of naast de les uit het boek. De leestekst is moeilijker en de vragen zijn uitdagender dan die in het werkboek. Achter de computer kunnen deze kinderen volledig zelfstandig werken; ze hebben uw hulp niet nodig.
- De softwarelessen zijn op dezelfde leerdoelen gericht; ze bereiden de kinderen dus ook uitstekend voor op de toetsles.
|
 |
|
Leeshuis begrijpend en studerend lezen
Voor zwakke lezers biedt Leeshuis begrijpend en studerend lezen speciale preventieve software. De software bereidt de kinderen in 10 tot 15 minuten voor op de basislessen en de toets. Daardoor kunnen ook zwakke lezers actief en enthousiast meedoen aan de les. Deze zinvolle vorm van pre-teaching is beschikbaar voor alle groepen.
- De leesteksten worden in overzichtelijke gedeeltes op het scherm getoond en voorgelezen. Hierdoor hebben de kinderen in de les zelf minder moeite met het technisch lezen.
- Moeilijke woorden worden verduidelijkt met allerlei interactieve opdrachten. Zo ontwikkelen de kinderen spelenderwijs hun woordenschat.
- Ook lastige stijlvormen (zoals beeldspraak of dubbele ontkenning) worden met behulp van speelse opdrachten uitgelegd.
- Bij een toets wordt de tekst alleen voorgelezen en maken de kinderen opdrachten met de moeilijke woorden die in de tekst voorkomen.
|
 |
|
Geobas - Wijzer door de wereld
De leerlingensoftware bij Geobas en Wijzer door de wereld bestaat volledig uit topografie. Door de logische en overzichtelijke structuur werken u en uw leerlingen er probleemloos mee. Zwakkere leerlingen zullen met behulp van de digitale hulpmiddelen bij deze aardrijkskundemethoden betere resultaten behalen.
De topografie wordt in de eerste les van elk hoofdstuk in het werkboek aangeboden. Daarna hebben de kinderen in week 1, 2 en 3 de tijd om op de computer te oefenen.
Het is de bedoeling dat de leerlingen een volledig kaartbeeld krijgen. Er is daarom gekozen voor veel variatie in oefenvormen, bijvoorbeeld: meerkeuzevragen, sleepvragen, kleurvragen, combinatievragen en namen typen. |
 |
|
Rekenrijk
De software bij de rekenmethode Rekenrijk biedt veel meerwaarde voor zowel de leerkracht als de leerlingen door een goede inhoudelijke en organisatorische aansluiting bij de lessen. De unieke software met extra instructiemomenten, inhoudelijke feedback en mogelijkheden voor eigen aanpassingen, is direct gekoppeld aan de lesdoelen voor jaargroep 1 t/m 8.
Alle kinderen werken per week gemiddeld 30 minuten met het computerprogramma, bestaande uit oefensessies gevolgd door een toets in de 3e week. Heeft een leerling de oefen- of toetsopgaven onvoldoende gemaakt, dan verzorgt het programma een herhalingssessie.
- De leerkracht kan planningen maken, specifieke sessies maken voor individuele leerlingen en resultaten van de leerlingen bekijken.
- De software kan op 3 verschillende manieren worden ingezet: het programma volgt de methode, de leerkracht stelt zelf het programma samen (bestaande uit bijvoorbeeld extra oefenstof voor zwakke rekenaars) of de leerlingen kiezen zelf welke oefeningen zij gaan maken.
- Een oefensessie bestaat uit een korte instructie en oefenopgaven die aansluiten bij de opgaven in de les.
- Het programma registreert de prestaties van de leerlingen en geeft deze weer in een groepsoverzicht. Tijdens het bekijken van de resultaten kan de leerkracht per leerling de gegevens in de historie van alle voorgaande leerjaren of het huidige blok, per subdoel op itemniveau inzien.
- In een weekoverzicht wordt aangegeven welke doelen iedereen in de eerste oefen- of toetssessie wel of niet heeft bereikt. Voor leerlingen die één of meerdere doelen niet hebben gehaald stelt het programma een extra oefensessie op. De leerkracht kan de planning aanpassen of aanvullen met specifieke sessies.
|
 |
|
Leeshuis beginnend lezen* en Leeshuis technisch lezen*
De software voor Leeshuis beginnend lezen en Leeshuis technisch lezen biedt extra oefenstof voor alle kinderen in jaargroep 3 en 4. Elk kind krijgt precies die oefeningen aangeboden die het nodig heeft. Het programma gaat na in hoeverre de kinderen de stof beheersen – ook eerder behandelde stof. De kinderen oefenen bij voorkeur twee keer per week 15 minuten met het computerprogramma. Zwakke lezers oefenen zo vaak als nodig is.
- Het computerprogramma volgt de leerlijn in de methode op de voet. Per eenheid van twee weken sluit de stof naadloos aan op wat er in die periode in de methode wordt behandeld.
- Het programma geeft elk kind automatisch de leertijd die het nodig heeft. Kinderen die de oefeningen goed maken, zijn snel klaar. Zwakke lezers krijgen net zo lang oefeningen aangeboden totdat ook zij de leesdoelen hebben bereikt.
- Het programma geeft de kinderen onmiddellijk feedback en registreert hun resultaten. Eén druk op de knop en u weet hoe ze ervoor staan.
*Het kleur- en illustratiegebruik is per methode verschillend. Voor de software bij Rekenrijk, Leeshuis beginnend lezen en Leeshuis technisch lezen zijn de beschreven functionaliteiten wel aanwezig, maar op een andere manier ingericht. |
|
|
|
|
|