Ontwikkelingen rondom het vakgebied Engels in het basisonderwijs en op de pabo

08-05-2018

Ondanks het feit dat Engels op de pabo al vanaf 1984 een verplicht vak is, gaf in 2011 meer dan 50% van de leerkrachten aan dat ze op de pabo niet waren geschoold in Engels. Ingegeven door maatschappelijke veranderingen, heeft optimalisatie van het vak nu de aandacht. Tijd om terug te kijken én de nieuwe ontwikkelingen onder de loep te nemen.

Engels in het basisonderwijs

In 1986 werd Engels een verplicht vak voor groep 7 en 8, met als doel leerlingen kennis te laten maken met Engels en het proces van vreemde talen leren, en ter voorbereiding op het voortgezet onderwijs (vo). De kerndoelen (vanaf 1993) beschreven geen eindniveau. Tegenwoordig wordt Eibo op ca. 64% van de scholen aangeboden (SLO, 2011). Sinds 2000 is de belangstelling voor Engels vanaf de kleutergroepen enorm toegenomen en de laatste vijf jaar groeit vroeg vreemdetalenonderwijs (vvto) Engels als kool: 1250 scholen zijn bij Nuffic bekend, maar er zijn veel meer scholen die een vorm van vvto bieden.

Uit onderzoek is echter gebleken dat leerlingen met vvto Engels in groep 8 niet per se beter scoren dan Eiboleerlingen. Bepalende factoren zijn o.a. de tijd die voor Engels wordt ingeruimd, de aanpak (didactiek), de competenties van de leerkracht (didactiek en taalvaardigheid Engels) en de continuïteit van het vak in de school (leerlijn).

Kerndoelen

De huidige Eibo-kerndoelen uit 2006 zijn zo simpel dat ze bij wijze van spreken in drie lessen al gehaald kunnen worden. Vvto vraagt andere doelen en daarom is in 2011 de landelijke standaard vvto ontwikkeld, met drie streefniveaus voor leerlingen in groep 8 en een beschrijving van leerkrachtcompetenties. De standaard vvto (www.nuffic.nl) gaat er o.a. van uit dat de leerlingen gedifferentieerd les krijgen gedurende minimaal een uur per week (320 uur totaal), dat de leerkrachten nageschoold zijn in taalvaardigheid Engels en didactiek, dat elke school een coördinator Engels heeft en dat de leerlingen na 8 jaar voor Engels op drie niveaus uitstromen naar het vo. Deze niveaus liggen een stuk hoger dan de kerndoelen en betreffen meer onderwerpen. Werken met deze standaard is niet verplicht; de kerndoelen blijven de enige wettelijke richtlijnen. De standaard blijkt als handvat te fungeren voor een groeiend aantal leerkrachten die hun leerlingen een concreet en hoger eindniveau dan Eibo-niveau willen bieden.

Tpo en primary CLIL

Andere ontwikkelingen zijn tweetalig basisonderwijs (tpo), nu nog alleen als pilot met 19 scholen, en primary CLIL: het geven van basisschoolvakken in het Engels in maximaal 15% van de lestijd. Op dit moment wordt nog gewerkt aan herziening van het curriculum in curriculum.nu: in 2019 is de slotbijeenkomst en worden ook de consequenties voor Engels bekend.  

Gevolgen voor de pabo

De veranderingen in het basisonderwijs, hebben ook gevolgen voor de pabo. Inmiddels is de eerste versie van de kennisbasis Engels voor de pabo in 2018 zodanig aangepast dat er van de studenten als eindniveau B2 van het Europees Referentiekader (ERK) voor talen wordt gevraagd. Ook moeten zij op de hoogte zijn van nieuwe inzichten zoals CLIL en ict-toepassingen zoals eTwinning. Daarnaast is er in maart 2018 een kennisbasis voor de lerarenopleider Engels gepubliceerd door de VELON.

Engels als kernvak in het vo

De druk op Engels in het po is de laatste jaren vanuit het vo flink toegenomen: Engels is samen met Nederlands en wiskunde een kernvak geworden in het vo, de eindexamens voor de kernvakken zijn zwaarder geworden voor alle schooltypes en er is een diagnostische toets ontwikkeld voor de kernvakken aan het eind van het tweede vo-jaar. Los hiervan is het startniveau van methodes Engels voor het vo hoger dan ca. 10 jaar geleden en ook het tempo ligt hoger. Wat kinderen buiten school aan Engels leren is ook enorm toegenomen, vooral door gamen en andere (internet)activiteiten. Dat vraagt in het po om een goede leerlijn Engels en in het vo om differentiatie om rekening te houden met de verschillen in kennis.

Ambitieniveaus voor Engels in het basisonderwijs

De eerste stap naar kwalitatief goed Engels in het po is het formuleren van het ambitieniveau. Vervolgens worden daarbij doelen gesteld en pas daarna wordt gezocht naar passend lesmateriaal, bij voorkeur met behulp van de Kieswijzer vvto.

Voor een goede start in het vo is de keuze in het po beperkt tot vier scenario’s:

  1. Goede Eibolesssen in groep 7 en 8, liefst al met een start in groep 5 of 6, met als doel de kerndoelen en eindniveau A1 van het ERK voor alle leerlingen.
  2. Versterkt Engels in de bovenbouw of vanaf groep 5, in meer lestijd dan Eibo, gericht op internationalisering, in samenhang met andere vakken en minimaal eindniveau A1/A2.
  3. Vvto met de Landelijke Standaard vvto als richtlijn, vanaf ´kleuterCLIL´ in groep 1 (een selectie van kleuterthema’s in het Engels) en bij voorkeur met primary CLIL in de midden- en bovenbouw. Het eindniveau varieert van A1 tot B1 of hoger.
  4. Een toekomstig scenario is tweetalig primair onderwijs (tpo). Aan de pilot tpo doen nu nog (tot 2019) 19 scholen mee, maar er zijn veel meer scholen die in 30 tot 50% van de lestijd enkele vakken in het Engels willen geven. Ook hier varieert het eindniveau van A1 tot B1 of hoger.

Voor alle scenario´s – combinaties zijn mogelijk! – geldt dat er minimaal een uur Engels per week wordt gegeven en dat de leerkrachten voldoen aan de bijbehorende competenties.

Door: Marianne Bodde-Alderlieste

Literatuur

  • Bodde-Alderlieste, M. J. & Salomons, L. (2018) Engels in het basisonderwijs. (Meer dan de ) Kennisbasis vakdidactiek. Groningen: Noordhoff
  • Bodde-Alderlieste, M.J. (2016). Kieswijzer vvto Engels. In: JSW, 101 (1): http://www.jsw-online.nl/2016/09/12/kieswijzer-vvto   
  • Bodde-Alderlieste, M.J. (2015). Ambities voor Vroeg Engels. In: Levende Talen Magazine, jaargang 102, nummer 6, pp. 22-26.
  • Corda, A. e.a. (2014) Handboek vvto. Bussum: Coutinho
  • Thijs, A., Tuin, D. & Trimbos, D. (2011). Engels in het basisonderwijs: Verkenning van de stand van zaken. Enschede: SLO
  • Thijs, A., Trimbos, B., Tuin, D., Bodde, M., de Graaff, R. (2011). Engels in het basisonderwijs. Vakdossier. Enschede: SLO
  • www.erk.nl
  • www.nuffic.nl (landelijke standaard vvto)